Inge Bracke


Adres

E-mail: ingebracke@hotmail.com

Website: http://users.pandora.be/shangrila/index1.html

Leven en werk

Shangrila Home is een project dat werd opgericht door Inge Bracke. Zij woont in Nepal en is gestart met een opvangtehuis voor straatkinderen in Kathmandu. Inge kent als geen ander de noden van deze kinderen en kon niet passief op deze toestand blijven toezien. Zij begon met de kinderen zelf eten te geven, maar al vlug bleek dit niet voldoende. Er stelden zich nog meer problemen. De kinderen sliepen in de straten van Kathmandu in soms barre weersomstandigheden. Daarom werd onmiddellijk een pand gehuurd om deze kinderen toch een onderkomen te bieden.
Hier in België kwamen vrienden in actie om de eerste sponsorgelden bij elkaar te krijgen. Inmiddels draait Shangrila Home op volle toeren en zorgt het voor de opvang van ongeveer 64 kinderen. Ze krijgen onderdak, eten, onderwijs en veel zorg van vele vrijwilligers ter plaatse.
Een volgende stap van dit project is naast de studie zo vlug mogelijk een vak aanleren.
Wat deze kinderen meegemaakt hebben is moeilijk te verwoorden en te begrijpen: ze zijn verlaten, misbruikt, ontheemd... Zij moeten hun rechten als kind krijgen: een thuis, spelen, onderwijs. Het spreekwoord: “Het is maar een druppel op een hete plaat.” willen wij volledig vergeten.
Dit is inderdaad een kleinschalig project, maar wij staan er als één geheel volledig achter. Het is al meerdere keren bewezen dat deze projecten veel meer kans op slagen hebben dan de grootschalige hulporganisaties die met hoge publiciteits- en administratiekosten werken.
Dit project steunt volledig op vrijwilligers en de steun van een grote schare vrienden die zich belangeloos inzetten.

lnge Bracke: “Zeven jaar geleden landde ik voor het eerst op de luchthaven van Kathmandu, de hoofdstad van Nepal. En meteen had ik het gevoel dat ik thuiskwam. Ook al is Nepal het derde armste land ter wereld, en is de ellende op heel wat plaatsen niet te overzien, toch voelde ik me er meteen goed. Ik werd bovendien halsoverkop verliefd op een Nepalees. Nepal zou mijn toekomst worden, zoveel was zeker. Ik wist dat ik er een flinke periode van mijn leven zou doorbrengen.”
Inge was toen drieëndertig. Ze opende een gezellig hotel in het centrum van Kathmandu. Maar al gauw bleek dat niet alleen toeristen de weg naar het hotel vonden. Ook straatkinderen die hun dorp verlieten en in de hoofdstad de rijstpotten met gouden lepeltjes hoopten te vinden, klopten bij haar aan. Inge: “Vooral in de winter kwamen die kinderen bij mij douchen en ontbijten. Ik kon het niet over mijn hart krijgen om ze in de kou te laten staan. De meeste kinderen waren ondervoed, misbruikt en verlaten. En elke keer weer die kinderogen vol angst... Ik moest iets doen, kon hen niet zomaar aan hun lot overlaten.”
Inge zette haar hoteldroom opzij en richtte Shangrila Home op, een opvangtehuis voor de straatkinderen van Kathmandu. Inge: “Het woord ‘Shangrila’ betekent voor boeddhisten 'het paradijs'. Het leven is er zalig, niemand wordt er oud, niemand heeft er honger of pijn. Net dat wilde ik de Nepalese straatkinderen geven. Een thuis waar ze ongestoord kunnen spelen en leren. Veldwerkers trekken de stad in en gaan op zoek naar die kinderen. Of ze komen in allerlaatste instantie zelf naar ons toe. Shangrila Home is een begrip onder de straatkinderen. Ze weten dat ze altijd welkom zijn. Momenteel vangen we veertig kinderen op. De kleinste is twee, de oudste zeventien. We proberen hen een zo normaal mogelijk even te laten leiden. Om zes uur staan we op. Ze krijgen meteen een stevige warme maaltijd. Onze huisleraar bereidt de kinderen voor op hun schooldag. Om tien uur vertrekken ze naar school, en om vijf uur komen ze terug. We eten samen, en dan mogen ze tot bedtijd spelen. Ze slapen met zes kinderen op een kamer maar hebben elk hun eigen bed en hoekje. De kleintjes vertellen we nog een verhaaltje en ze krijgen een nachtzoen. We proberen hen een warm nestje te geven. Die geborgenheid hebben ze in hun familie nooit gekregen.”
Vooral de kleintjes zien Inge als hun tweede mama. Kinderen die pas op hun twaalfde in Shangrila Home terechtkwamen, hebben het daar een stuk moeilijker mee. Inge: “Ze hebben jaren op straat geleefd, hen moet je niets meer wijsmaken. Stap voor stap moet ik hun vertrouwen winnen. Heel vaak blijkt dat een onmogelijke opdracht. Jarenlang hebben ze hun plan moeten trekken, ze leven erg op zichzelf. Straatkinderen zijn bikkelharde survivors. Er is binnenin heel wat kapotgemaakt. De schade is vaak bijna onherstelbaar.”
En toch blijft Inge de juiste motivatie vinden om zich elke dag opnieuw over ‘haar’ kinderen te ontfermen. Inge: “Ik krijg zoveel van hen terug. Als ze ons huis verlaten, blijf ik stiekem een oogje in het zeil houden. Ze weten dat ze altijd bij mij terechtkunnen en toch willen ze me bewijzen dat ze op eigen benen kunnen staan. Ze willen naar de universiteit, ze willen werken. Het mooiste bewijs dat mijn initiatief niet zinloos is. Waren ze op straat gebleven, zouden ze dat nooit gedaan hebben.”
Inge werkt met vijf Nepalese mensen en met enthousiaste vrijwilligers die België een tijdje verlaten om haar een handje toe te steken. Inge: “Ik heb bovendien een grote vriendenkring in België die me door dik en dun blijft steunen en voor sponsorgeld zorgt. In mijn eentje zou ik zoiets niet aankunnen. Ik weet dat heel wat mensen mijn werk als een druppel op een hete plaat zien. Maar ik weiger in die termen te denken. Shangrila Home is inderdaad een kleinschalig project. Maar aan één gelukkig kindergezichtje per dag heb ik genoeg om voor de straatkinderen van Nepal te blijven vechten.”

Brieven

Nepal – 20 juli 2017

Het spijt me ten zeerste dat ik het alsmaar heb uitgesteld om jullie wat nieuws te sturen. Het is me dan toch gelukt. Voor degenen die CPCS (Child Protection Centers and Services) nog niet kennen stel ik daarom even onze werking voor. Alzo hebben jullie alvast een idee waar we jullie centen voor gebruikt hebben. Enkel schrijven “voor schooluniformen” is niet voldoende. Maar we “geven” niet zomaar schooluniformen weg, er zit een hele werking achter en die wou ik even voorstellen. Het CPCS Rehabilitatiecentrum in Dolakha beschermt kinderen die gered zijn van het straatleven. Het idee is om kinderen zo spoedig mogelijk kinderen terug naar hun gemeenschap en/of familie terug te brengen. CPCS is van mening dat kinderen in hun familie of dorpsgemeenschap behoren en niet in instellingen. Dit in het kader van "deinstitutionalisatie". Er is in Nepal immers een lucratieve handel aan de gang. Kinderen worden door mensenhandelaars uit hun dorpen gestolen en naar Kathmandu gebracht waar ze in zogenaamde “homes” worden gestopt. Deze homes zijn gewoon een “uitstalraam” om fondsen te kunnen lospeuteren van weldoeners die het beste voorhebben. Dit kunnen toeristen zijn met het hart op de goede plaats maar evengoed vrijwilligers met de welgemeende bedoeling om een handje te helpen. Heel deze zwendel werkt ook via mooie maar fake websites. Er worden foto’s gepubliceerd van kinderen die er hulpbehoevend en slecht uitzien. Deze kinderen worden ook bewust slecht verzorgd en krijgen amper iets te eten. Immers, hoe slechter zij er uitzien, hoe meer medelijden ze opwekken en hoe guller de weldenkende schenker doneert. 
Ik wil dan ook benadrukken dat CPCS enkel samenwerkt met goede en degelijke instellingen, zoals Shangrila Home en Ama Ghar. Het is geenszins de bedoeling om alle homes zomaar over één kam te scheren want dat is dan weer een nieuw probleem dat zich stelt. Er is een nieuwe trend die vindt dat àlle homes slecht zijn en ik garandeer jullie dat dit absoluut niet zo is. Wanneer de familie van een kind niet teruggevonden wordt zorgen wij voor alternatieve plaatsing in een goede instelling met een degelijke reputatie.
Wat is er nu eigenlijk gebeurd dat maakt dat er ineens zoveel kinderen in de grote steden zijn terechtgekomen? Na de verwoestende aardbevingen in april en mei 2015 renden veel kinderen weg uit hun dorp doodgewoon omdat er niets meer was. Verwoeste huizen en scholen en door landverschuivingen verdwenen landbouwgrond maakten het onmogelijk om gewassen te kweken. Mensen waren alles verloren: hun woning, hun vee, hun levensvoorraden, hun officiële documenten, hun bezittingen kortom hun hele hebben en houden.
Vanwege de geografische ligging van Dolakha is het leven hard en moeilijk. Het ligt immers midden in het Himalaya gebergte. Na de aardbevingen hadden de armsten het nog moeilijker dan voorheen. Hun levensomstandigheden werden nog slechter ook al dacht je soms dat dit niet meer mogelijk was. Omdat er in hun gebied niets meer was, besloten kinderen en soms hele gezinnen om naar de steden te vluchten, in de hoop werk te vinden of toch minstens een beter leven. Traffickers werden ook erg actief en brachten kinderen en vrouwen met valse beloftes naar Kathmandu. Eenmaal in Kathmandu werden deze kinderen achtergelaten, werden gebruikt als goedkope slaaf of verdwenen ze in prostitutienetwerken.

CPCS wil deze kinderen terugbrengen naar hun familie of dorpsgemeenschap.
Zoals reeds gezegd is de armoede in het Dolakha gebied schrijnend. De meerderheid van de bevolking is “Thami”, een etnische groep die sinds eeuwen onderdrukt wordt. Ze worden beschouwd als «low caste» en zijn “sans-papiers”, hebben geen rechten, bezitten geen eigendom en werken sinds mensenheugenis op de velden van “landlords”. Vaak moet de arme boer de opbrengst aan de eigenaar afstaan en krijgt slechts een miniem gedeelte van de oogst voor eigen gebruik. 
CPCS ondersteunt tevens schooltjes via het CLASS-preventieprogramma. In samenwerking met de lokale maatschappelijk werker, meestal een schoolleraar, wordt onderzocht welke kinderen niet naar school kunnen wegens slechte economische omstandigheden in de familie.
Gezien de moeilijke omstandigheden waarin deze scholen moeten werken, werd besloten ondersteuning te bieden door middel van schoolbibliotheken en didactisch materiaal. Ondersteunde scholen worden aangemoedigd om goed onderwijs te bieden en kinderen kansen te geven om naar school te komen. Ook wordt in samenwerking met de lokale maatschappelijk werker steun gegeven voor schooluniformen, boekentassen en schoolgerief voor kinderen van zeer arme gezinnen. Kinderen moeten lang en ver stappen om hun schooltje te bereiken en gewoonlijk brengen ze de dag door met een lege maag. Daarom wordt voor een kleine snack gezorgd.
Er zijn geen medische voorzieningen in het gebied, wij organiseren daarom “health camps” in de scholen. Deze health camps zijn open voor alle kinderen, hun ouders en mensen uit de dorpsgemeenschap en omstreken.
Zodra voormalige straatgebonden kinderen of werkende kinderen beslissen het straatleven of hun werk te verlaten, hebben ze een overgang en een veilige omgeving nodig. Zowel jongens als meisjes kunnen terecht in het socializeringscenter en krijgen er een kindvriendelijke opvang. Ook kinderen uit de streek kunnen er dagelijks hun huiswerk komen maken en worden geholpen met schooltaken.
Het werk van de organisatie is verdeeld in de volgende stappen:
A. Preventie (voor en tijdens het straatleven).
B. Risicobeperking (tijdens het straatleven of omstandigheden «in gevaar»).
C. Sociale rehabilitatie in het centrum.
CPCS gelooft in participatie van de gemeenschap en betrokkenheid bij de basis van de problemen. In dit geval is het belangrijk om dicht bij de mensen te zijn en geen beslissingen te nemen vanachter een “bureau”. Hetgeen dikwijls gebeurd, we willen weten wat mensen nu daadwerkelijk nodig hebben. Het doel is niet alleen opvang voor het kind in het centrum, maar ook de omliggende gemeenschappen te ondersteunen en naar de problemen te luisteren en samen naar oplossingen te zoeken.
150 kinderen komen dagelijks naar het regionale centrum (gemeenschappelijke ruimte)
8.000 omwonenden maken gebruik van het medisch centrum.
250 kinderen gebruiken dagelijks de bibliotheken in 2 scholen.
Jaarlijks worden 463 kinderen verdeeld over 10 schooltjes gesteund via de aanschaf van een uniform en schoolgerief.
Dankzij de toegewijde inzet van ons team en de financiële steun van De Brug kunnen deze kinderen naar school gaan en werd het mogelijk gemaakt dat zij en hun familie een beter leven hebben.
Uit naam van al deze kinderen “Dank u, Vrienden van De Brug”!

Correspondent: Koen Cassimon


Nepal – 13 juli 2016

Nepal: een jaar na de verwoestende aardbevingen
De acties van CPCS na de aardbevingen
Nepal werd op 25 april en 12 mei 2015 dooreengeschud door twee verschrikkelijke aardbevingen en honderden naschokken waardoor 10.000 doden en meer dan 20.000 gewonden vielen. Miljoenen mensen waren op een paar seconden hun huis kwijt, er was onoverzichtelijke schade. Mensen verloren hun huis, hun bezittingen, hun kinderen, hun buren en geliefden. Vlak na de aardbevingen werden 40.000 slachtoffers en een 100-tal scholen geholpen door CPCS. Eén jaar later worden 4.000 gezinnen nog steeds gesteund. 
Noodhulp en steun aan de slachtoffers
Na de eerste aardbeving, was niet enkel de bescherming van de kinderen in onze centra belangrijk. Uit solidariteit met de buren werd de poort van CPCS onmiddellijk opengezet, ons pand in Dillibazar heeft immers een grote speelplaats. Open ruimte is uitzonderlijk in het stadscentrum en vele woningen in de buurt waren beschadigd, wankel en zeer onveilig. In onze voorraadkamer was er genoeg eten voor twee dagen, het drinkwater was op na de eerste dag. Er werd gerantsoeneerd en met de buurtbewoners werd overeengekomen dat kinderen en bejaarden voorrang kregen. Er werd medische hulp gegeven aan jonge moeders met pasgeboren baby’s en bejaarden. Vele mensen hadden verwondingen opgelopen door stukken van gebouwen die naar beneden kwamen gedonderd, rondvliegend glas en metaal. Het B-Fast team bezorgde ons tenten en veldbedden. Hulp van donors kwam snel op gang zodat we eten, tentzeilen en noodmateriaal konden aanschaffen. 
Eén van de prioriteiten was om onze programma's zo snel mogelijk te laten functioneren en scholen in de meest getroffen en afgelegen gebieden te heropenen. We moesten vooral vermijden dat kinderen in de verwoeste gebieden zich verlaten voelden en in de verleiding kwamen om de straten van Kathmandu en elders op te zoeken. Daarom werd er onmiddellijk hulp geboden aan meer dan honderd scholen zodat kinderen zo snel mogelijk weer naar school konden gaan en niet in het puin van hun dorp moesten ronddolen.
Afhankelijk van de schade aan de school werd er geld, lesmateriaal, tenten en tinnen platen (jasta) voorzien. 
De verdeling van noodgoederen in de zwaarst getroffen gebieden
CPCS heeft een coördinator voor elk district waar de NGO actie voert. Deze mensen werden gecontacteerd en samen met plaatselijke verenigingen en verantwoordelijken werd de situatie van de slachtoffers bekeken en werd er besproken wat de behoeften waren. In de chaos, veroorzaakt door de aardbevingen, was dit een zeer moeilijke taak.
Vervolgens hebben we contact opgenomen met andere actoren, zoals de politie en het leger om de coördinatie van de hulp te organiseren. Dit om te vermijden dat er geen « overlappend » werk werd gedaan en iedereen naar dezelfde plaats zou snellen om wat over elkaars voeten te struikelen terwijl mensen elders niets of niemand te zien krijgen. De verzoeken van scholen, NGO's en lokale organisaties van allerlei aard om hulpgoederen te krijgen waren overweldigend.
Eénmaal op dreef (het moest erg snel gaan), werd voedsel (rijst, linzen en noedels) bedeeld alsook waterzuivering, medicijnen en gasflessen (voor het tekort en de stijgende prijzen), zinken daken (essentieel voor het regenseizoen begon), tenten, dekzeilen, matrassen, dekens, « Dignity kits » voor vrouwen (een waterdichte tas met een sjaal, een sari, 3 kleine handdoeken, 2 stuks ondergoed, maandverband, een nagelknipper, een kam, tandenborstel en tandpasta, 20 shampoo pakketjes, Dettol zeep, wasmiddel voor kledij, een aansteker met een kleine zaklamp en een kleine naaikit).
Solidariteit met een hoog risico!
Het brengen van noodgoederen in de meer afgelegen dorpen of steden was geen gemakkelijke taak. We werden geconfronteerd met de nodige problemen. De wegen waren zwaar beschadigd en soms onbegaanbaar. We kwamen radeloze mensen tegen die niet aarzelden om « hun » deel van de hulpgoederen te stelen. Ondanks de vraag voor bescherming van de politie en het lokale leger werden we geconfronteerd met agressie van hulpeloze mensen. Eens we door onze voorraad heen zaten, was het moeilijk om nog hulpgoederen aan te schaffen. Door de overmacht was er schaarste en schoten de prijzen van basisgoederen omhoog. De teamleden van CPCS in Dillibazar hebben geprobeerd om de distributie zo goed mogelijk te organiseren en dit niet zonder de nodige problemen gezien sommige slachtoffers niet hebben geaarzeld om hen fysiek aan te vallen.
De dagelijkse werking van CPCS
Om tegemoet te komen aan de noden van straatkinderen werd de NGO CPCS (Child Protection Centers en Services) in 2002 opgericht door de Belg Jean-Christophe Ryckmans. 
De werkingsmethode van CPCS Nepal volgt de volgende 3 stappen:
1. PREVENTIE (vóór het straatleven):
Interventie en voorlichting om te voorkomen dat het kind zijn gezin verlaat en de straat opzoekt. Het publiek, gezinnen en kinderen worden aangesproken over de realiteit en de risico’s van het straatleven.
2. RISICO REDUCTIE (tijdens het straatleven):
Activiteiten die zeer direct gericht zijn om de gevaren van het leven op straat te verminderen (straathoekwerk, onderdak, hotline, medische ondersteuning, juridische ondersteuning en psychologische ondersteuning).
3. REHABILITATIE (na het straatleven):
Progressieve werking op langere termijn met als doel het kind te reïntegreren in de samenleving (gezinshereniging, verschillende rehabilitatieprogramma's en terug naar school).
Onze organisatie werkt op 44 locaties in Nepal, waarvan 8 in de Kathmandu vallei. Een groot deel werd vernietigd of zwaar beschadigd door de aardbevingen van 25 april en 12 mei 2015 en de talloze naschokken.
Website: www.cpcs.international
Kinderen en hun straatleven
Het zijn er duizenden… Ze leven op de straten van de wereld. Ze slapen, werken en wonen in groep en op straat, zonder de steun van hun familie. Het is onmogelijk hen te tellen in Nepal. Sommigen komen, anderen gaan of blijven, ze leven in tragische omstandigheden.
Ze werken als khalasis (geldontvangers op het openbaar vervoer), ze verzamelen verkoopbare plastiek, bedelen, verkopen flessen water en kranten op openbare plaatsen, poetsen schoenen, werken als hulpje in restaurants, hotels en privé woningen, minderjarige meisjes dansen in bars, krijgen hun baby’s op straat…
Ondanks hun jonge leeftijd worden ze dag en nacht geconfronteerd met sociale uitsluiting en vernederingen. Ze zijn een gemakkelijke prooi voor de meest verachtelijke
vormen van uitbuiting. Ze zijn kwetsbaar en slachtoffer van de lokale maffia's. Ze worden gebruikt door mensenhandelaars.
Ze hebben hun eigen samenleving met hun eigen codes, een eigen taal, eigen rituelen waaronder het 'snuiven' van lijm en collectief drugsgebruik. Eens ouder dan 16-17 jaar, glijden ze af in delinquentie, drugs of eindigen ze hun leven in de gevangenis of sterven een eenzame trieste dood.
De redenen dat kinderen op de straten van Kathmandu leven zijn complex. De sociaal-economische omstandigheden in het dorp, het uiteenvallen van het gezin, huiselijk geweld (vaak in combinatie met alcohol) verstedelijking en de aantrekkingskracht van de stad, politieke instabiliteit zijn de belangrijkste oorzaken. Het is een interactie van al deze factoren (economische, politieke en sociale).
Mail van 28/09
Dit zijn de laatste beelden van de heropbouwingswerken in Dolakha. Ondanks de hevige monsoonregens werd er keihard doorgewerkt door het CPCS team. Met de hulp van de lokale gemeenschap werden slijkwegen berijdbaar gemaakt om het bouwmateriaal op de juiste bestemming te krijgen.
Verwoeste schooltjes werden ondersteund met materiaal om tijdelijke klasjes te bouwen en de Kits for Schools werden verdeeld. De meeste scholen hadden geen materiaal meer, alles lag bedolven onder het puin of was onbruikbaar geworden.
Via deze weg wil ik jullie nog eens allemaal hartelijk danken voor de financiële en morele steun.
Klik even op de link, de beelden zeggen zoveel meer dan mijn woorden: https://youtu.be/vQWAZJe_FCc
(nvdr: je kan de beelden ook bekijken op de Facebookpagina van De Brug)
Hartelijke groeten,
Kind regards,

Correspondent: Koen Cassimon


Nepal – mei 2015 Allen, eindelijk terug contact met de buitenwereld. Wij zijn fysiek ongehavend maar lopen nog te shaken. Langzaam aan durft iedereen terug buiten te komen. We slapen buiten op onze compound en delen voedsel en wat er ook maar te vinden is. De kinderen in de CPCS centers zijn ook in veiligheid. Even dit korte bericht… meer nieuws komt later… Ik zie veel hartelijke berichten van jullie op FB, dank aan allen voor de morele steun. Correspondent: Koen Cassimon

Nepal – 14 oktober 2014

Child Protection Centers and Services Nepal
Het CPCS Education Ticket Systeem – E.T.
Het Education Ticket Systeem is een van onze meest doeltreffende manieren om straatkinderen en kinderen in rehabilitatie bewust te maken van hun verantwoordelijkheden. Het is een werkinstrument dat hen helpt realiseren dat ze hun eigen leven in handen kunnen nemen ook al kost dit wat tijd. Het heeft met zelfbewustzijn en eigenwaarde te maken. Dit door middel van informeel onderwijs.
Het doel van het informele onderwijs is kinderen vaardigheden bij te brengen en aan zo aan de gevaren van het straatleven te ontsnappen. Door het informele onderwijs begrijpen ze wat de gangbare waarden in het leven zijn. Dat gevoel en die kennis maakt dat kinderen leren zien welke plaats ze in de maatschappij (kunnen) innemen.
We organiseren dagelijks drie informele klassen: ‘s ochtends, ‘s namiddags en een laatste ‘s avonds. Door de informele klassen te spreiden krijgen werkende kinderen de kans om de les, voor of na hun werk, bij te wonen. Kinderen die de informele klas bijwonen krijgen een Education Ticket dat zij kunnen omruilen voor een dagdagelijks item. In onze E.T. winkel kunnen ze zeep, een tandenborstel en tandpasta, een kam, shampoo maar ook slippers, voetbalschoenen, haargel, een lange broek, T-shirt en een sjaal kopen met de Educational Tickets. Soms hebben we ook leuke zaken in stock die niet altijd van levensbelang zijn maar wel een plezierig facet aan het leven geven (zonnebril, een stukje speelgoed)…)
De leraars en opvoeders geven les op een zeer eenvoudige, begrijpelijke en directe manier. Ze gebruiken afbeeldingen, foto’s en verhalen die “uit het leven gegrepen” zijn. Ze bespreken verschillende onderwerpen en moedigen het kind aan om deel te nemen in het gesprek door over hun eigen ervaringen te spreken. Er wordt ook gevraagd hoe zij met hun problemen omgaan in het straatleven.
Het lessenpakket bevat ook basis lezen en rekenen, Engels, Rechten van de Mens en Rechten van het Kind, Nepalese wetgeving, het belang van persoonlijke hygiëne, de risico’s van drugsgebruik, Er wordt ook gesproken over het algemene politieke klimaat in Nepal, sociale structuren in de maatschappij, het belang om contact te onderhouden met familie (ook al is dit een negatief contact). Ook leert men hen te begrijpen welke verantwoordelijkheden men dient op te nemen om een volwaardig en gerespecteerd lid van de maatschappij te zijn en allicht ook hun rechten en plichten.
Dankzij dit systeem realiseren kinderen zich snel dat ze er voordeel uithalen door de informele klassen bij te wonen in ruil voor Education Tickets. Hierdoor kunnen ze in alle veiligheid in onze centra te verblijven en ontwikkelen ze interessante kennis en vaardigheden. Hun eigenwaarde wordt opgebouwd door de Education Tickets te “verdienen”. Ze voelen zich zeer verantwoordelijk over hun persoonlijke bezittingen die ze op een positieve manier zelf bijeen gewerkt hebben. Er is duidelijk een besef van waarde en respect voor de spullen die ze via het Education Ticket Systeem verzameld hebben.
Met warme en hartelijke dank aan De Brug die het mogelijk maakt om al dit E.T.-materiaal aan te kopen voor de CPCS – Education Ticket Winkel.

Voorbeeld van wat een kind kan kopen met de Education Tickets:
Shampoo, Tandenborstel, Notebook, Pen, Batterij, Ondergoed, Slippers, Sjaal, Kapper, T-Shirt, Short, Handdoek, Horloge, Football Shoes, Lange broek

Correspondent: Koen Cassimon


Nepal – 27 november 2013

Child Protection Centers and Services (CPCS) – Nepal
Project coordinator: Inge Bracke
Contact persoon: Koen Cassimon
Het zijn net woelige tijden geweest in Nepal. Op 19 november hield men verkiezingen en dit verliep niet zonder geweld. Een partij, die ik niet bij naam ga noemen, had al aangekondigd de verkiezingen te saboteren en dat hebben ze ook gedaan. Er werden explosieven gedeponeerd aan verkiezingsbureaus, politie HQ en zelfs in scholen. Gelukkig werd het meeste ontmanteld maar toch zijn er onschuldige slachtoffers gevallen waaronder een jongetje van 8 jaar. Het kind vond een explosief en dacht dat het een stuk speelgoed was. Het is in zijn handje ontploft. Hij verloor zijn hand en zijn vriendjes werden ook verwond. Ondanks hun dreigementen en bangmakerij is toch 70% van de Nepalese bevolking gaan stemmen.
Nu is het hier terug wat rustiger geworden (men is nog steeds aan het tellen) en het zal nog minstens twee maanden duren voor Nepal een regering zal hebben (met andere woorden, voor iedereen zijn gegagdigd postje heeft gekregen). Tijdens deze verkiezingscampagne worden ook kinderen ingeschakeld die met stenen gooien in betogingen en er dan nog geld voor krijgen ook. De democratie heeft nog een lange weg te gaan.
En ondertussen wordt het hier ook steeds kouder. De Himalaya winter laat zich reeds sinds enkele weken voelen en dat is voor CPCS steeds een grote uitgave post. Wij schaffen warme broeken, truien en mutsen aan. Dit zowel voor de kinderen die we op straat ontmoeten, kinderen die naar onze centra komen en zij die reeds in de rehabilitatie centra verblijven.
Tijdens de wintertijd verblijven er ook meer kinderen in CPCS omdat het tijdens de barre koude onmogelijk is om op straat te slapen. Onze ambulance rijdt iedere avond rond om kinderen op te vangen en naar de centra te brengen. Velen zijn ziek en krijgen verzorging in de noodkliniek waar ze buiten medische verzorging ook gezonde voeding en warmte vinden.
Zowel jongens als meisjes dolen rond in de straten op zoek naar een warm onthaal.
Dankzij de steun van De Brug is het mogelijk om voor 250 kinderen winterkledij aan te schaffen. Een set kledij komt op een 600 nepalese rupees per kind. Waarvoor hartelijke dank. Vele kleintjes maken één groot en De Brug maakt het mogelijk onze werking en actie verder te zetten.
Onze activiteiten kan je volgen via Facebook onder ‘Vrienden van CPCS’.
Hartelijke groeten vanuit Nepal,

Correspondent: Koen Cassimon

Nepal - 14 oktober 2010

Ja, ja, maandag 18 oktober is het zo ver, dan mag ik terug vertrekken naar Nepal.
Ik ga werken voor CPCS (Child Protection Centers and Services), je moet maar eens gaan piepen op de website: www.cpcs-int.org
Wij hebben in het verleden goed samengewerkt en daar viel een job voor mij uit de bus. Ze hadden mij dit twee jaar geleden al gevraagd maar toen heb ik dat afgeketst wegens nog te veel rond mijne kop hier in België (da stoem winkeltje).
Ik ben verantwoordelijke voor de opvangcentra voor meisjes en het medische departement. De oprichter is een Franstalige Belg, dus de website en al hun informatie is in het Frans of Engels, daar ga ik ook mijn pollekes al vol mee hebben, veel vertaalwerk.
Het werk zal wel veel "rauwer" zijn dan Shangrila Home, dit is echt basisopvang en stervensbegeleiding van kinderen met Aids. Het concept van de organisatie is anders dan Shangrila Home. De bedoeling is om zoveel mogelijk straatkinderen te benaderen en hun miserie een beetje draaglijker te maken (medische zorg, preventie, rehabilitatie en in het ergste geval een “fatsoenlijke” stervensbegeleiding). Eén van de zaken die mij het hardste geraakt heeft is dat er een budget voorzien is voor begrafenissen. Wat er gebeurd met het lichaam van een overleden straatkind wil je niet weten. Jongens, toch, het is een harde wereld.
CPCS is acht jaar geleden klein begonnen maar is op korte tijd fameus gegroeid, Jean-Christophe kan het niet meer alleen bolwerken. Plus dat hij na 8 jaar een beetje op zijn tandvlees zit, die gast heeft zich er keihard ingegooid en op een gegeven moment zijn de batterijkes leeg, Ik ken dat fenomeen. Hij heeft tegelijk zelf aan gezinsuitbreiding gedaan, 2 kleine boelekes erbij dus hij moet zijn verantwoordelijkheden wat delen en delegeren.
Deze keer heb ik toegehapt, ik loop hier toch maar in rondekes. 't Is een raar fenomeen die Nepalmicrobe.
Ik ben in alle geval dolgelukkig dat ik terug daar kan gaan werken.
Dat zou wel fantastisch zijn mocht het mogelijk zijn om dit project te mogen indienen. Zeg maar wat ik moet doen.
De hartelijkste groeten aan de De Bruggers en nen dikke kus voor je familie.

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - november 2006

Zoals Napoleon al zei : ‘stilstand is achteruitgang’. Al vanaf de start van het project Shangrila Home , nu elf jaar geleden, is er steeds verandering , groei en verbetering geweest.
Wat er nu gebeurt past mooi in die traditie. Inge, Inge didi, heeft de laatste elf jaar alles van zichzelf gegeven om kinderen in nood, kinderen zonder zorg, zonder liefde, zonder bescherming, dat te geven wat ze misten. De kans om kind te zijn, de kans op een menswaardig bestaan, kans op scholing. En misschien het belangrijkste, er zijn als het nodig is, er zijn als ze verdrietig zijn, er zijn als die gruwelijke nachtmerries uit het verleden weer eens opduiken, ER ZIJN.
Dit kruipt uiteraard niet in koude kleren en na elf jaar gevecht, met vallen en opstaan, is het tijd om de fakkel door te geven. Met alle begrip. Ze heeft dat groots gedaan, we zijn trots op haar. Zoals wij zeggen in De Werkgroep, ’t is nogal ne gast hé.
De fakkel gaat naar Wim, Wim dai. Reeds jaren een vaste waarde in onze organisatie, een begrip voor de kinderen.
Begonnen als vrijwilliger, jaar na jaar, besloot Wim drie jaar geleden om zich permanent te vestigen te Kathmandu. Hij is de grote bezieler van de YRP, brengt de kinderen en het personeel reeds jaren Engels bij maar vooral is hij gekend om z’n warme zijn.
Om de fijne manier waarop hij met de kinderen omgaat, ze begrijpt, ze liefde en aandacht geeft.
Wim dai is geen vervanger van Inge, hij is gewoon De Wim. Wij (de werkgroep) zijn overtuigd dat hij die fakkel met waardigheid en kennis van zaken zal dragen. Met Wim als verantwoordelijke gaat het succesverhaal van Shangrila Home verder, zal het Home verder groeien.
Sponsors en sympathisanten, wij hopen dat jullie vertrouwen in Inge, Wim en de Werkgroep niet wankelt met deze veranderingen.
Ieder van ons blijft zich met heel veel enthousiasme inzetten voor de kinderen van Nepal. WIJ HOPEN VAN JULLIE HETZELFDE.
Paul Jacobs
Voorzitter ShangrilaHome vzw


Namaste Shangrila Homevrienden en sympathisanten,
Het is ongeveer vijftien jaar geleden dat ik mijn eerste stappen toeristgewijs op Nepalese bodem zette. Zoals veel Nepalreizigers wel zullen begrijpen had het Nepalvirus mij al snel te pakken.
Het was misschien niet direct liefde op het eerste zicht te noemen want de emoties lagen heel dubbel. Langst de ene kant was ik overweldigd door de pracht van de Himalaya en gecharmeerd door de vriendelijkheid van de bevolking maar werd ik tegelijkertijd ook diep geraakt door de schrijnende armoede waarin Nepali's gedwongen worden te leven. Mensen die op vuilnisbelten iets eetbaars moeten zoeken, kinderen die tijdens koude winternachten in hoekjes en portieken moeten slapen, honger lijdende mensen die in sloppenwijken moeten zien te overleven... het was en is er allemaal, vlak voor mijn ogen en onder mijn neus.
Vooral de schrijnende omstandigheden waarin kinderen moeten leven raakte me erg diep en ik vraag me nog steeds af waarom dit alles zo moet zijn.
De kloof tussen arm en rijk, ik kon en kan ze nog steeds niet bevatten? de onrechtvaardigheid van koning Armoede, het gaat nog steeds mijn petje te boven. Zoals onlangs een Nepalese vriend terecht opmerkte: "Dit land is rijk maar het volk is arm".
Al snel werd de eerste bouwsteen voor Shangrila Home gelegd en begonnen we in Dumbarai met onze eerste 11 kinderen.
Ondertussen is Shangrila Home uitgegroeid tot een grote organisatie die voor meer dan 100 kinderen zorgt.
Ik heb dit al die jaren met hart en ziel gedaan. Ik heb geknokt en gevochten tegen het onrecht dat deze kinderen wordt aangedaan en dankzij de inzet van vele mensen is het ons gelukt om veel kinderleed te verzachten.
Sommigen van onze eerste bewoners leiden nu een zelfstandig leven, anderen studeren nog of zijn ingeschakeld in ons Home. Ik ben samen met jullie trots op hen.
Maar ik ben ook moe van het vechten tegen officiële instanties die geen donder om deze kinderen geven, van het knokken tegen de onverschilligheid naar de kanslozen op deze wereldbol.
Na bijna 15 jaar Nepal draag ik de fakkel over aan Wim, die vanaf nu de hoofdverantwoordelijke voor Shangrila Home in Nepal zal zijn.
Mijn betrokkenheid met Nepal en specifiek ons Shangrila Home zal er altijd zijn, maar op een andere manier. Ik zal mij in België blijven inzetten voor het lot van onze kinderen, ik blijf de spreekbuis zijn voor de stemlozen, voor de kansarmen, voor de anoniemen, opdat de kinderen van Nepal een menswaardig leven kunnen leiden en mee hun land in de goede richting kunnen duwen. Want de toekomst is aan hen. Via deze weg bedank ik iedereen die me de kracht en liefde heeft gegeven om dit allemaal te verwezenlijken.
Nu is het tijd voor mij om afscheid te nemen van Nepal en in België een volgende fase van mijn leven voort te zetten.
Met deze doe ik ook meteen een oproep om Wim de steun te geven die ik altijd van jullie heb gekregen.
Zeer emotionele groeten,
Inge


Grote veranderingen, dat is een feit. Inge zat al een tijdje met plannen. Plannen die niets met het opgeven te maken hebben, maar eerder met een verandering van werkgebied. Ze heeft er al een heel aantal jaren Nepal opzitten en vond het tijd voor weer een andere omgeving. Dinesh, Inge en ik werken al een hele tijd samen en ze vertrouwde er op dat Dinesh en ik het hier in Nepal wel zouden aankunnen zonder haar. De schok was natuurlijk groot toen bleek dat Dinesh net op dat moment een burn-out kreeg en ermee wou stoppen. Dinesh van zijn kant dacht dat Inge en ik het wel zouden aankunnen zonder hem…
Slechte timing, maar niets dramatisch.
Toen Inge mij haar plannen uit de doeken deed, schrok ik in eerste instantie wel maar uiteindelijk begrijp en respecteer ik haar beslissing. Inge gaat zich vanuit België nog voor de volle 100% blijven inzetten voor Shangrila Home en gaat er ook voor zorgen dat zowel zij als ik een soort van statuut krijgen. Dat er voor ons gaat gezorgd worden. Dat we in orde geraken met onze paperassen. En dat vind ik op zich al een hele geruststelling en iets enorm positiefs.

Klaar en gerust
Ik heb er over nagedacht en ik voel mij er klaar voor. Ik weet ondertussen wel hoe de boel hier draait en hoe die vlotjes draaiende te houden en uiteindelijk kan dat alleen maar met de hulp vanuit ons eigen landje (en omstreken). Ik weet dat ik op die hulp zal kunnen blijven rekenen en dat is voor mij het aller belangrijkste.
En hoewel ik niet meer ter plekke met Inge zal kunnen samenwerken, weet ik dus dat ik op haar evengoed ga kunnen blijven rekenen. Advies, raad en overleg zijn nog steeds mogelijk. Ik sta er niet plots alleen voor. We zijn er allebei gerust in.
En we hebben een goede, vernieuwde, frisse, jonge ploeg die er ondertussen al volle bak is ingevlogen, vol enthousiasme.
Prakash Bhandari, de jongste broer van Dinesh, heeft het prompt van hem overgenomen en is onze nieuwe social worker en hij heeft al getoond dat hij duidelijk de Bhandarikwaliteiten van zijn broers bezit. Dilendra, de oudste der Bhandari's, is nog steeds onze verantwoordelijke voor de YRP en werkt nu samen met Prem, een ex-straatboef, die in de loop der jaren geëvolueerd is tot een man waarop je kan rekenen.
Dilip, één van onze oudste jongens van voorheen, is nu social worker voor Gokharna, onze pottenbakkerij. En Pashi en Kumari blijven onze rotsen in de branding.
Dus we hebben er moed op en we hebben er zin in. We zullen onze Inge didi missen maar de samenwerking gaat verder. En ik hoop van harte dat dit ook voor jullie allemaal van toepassing is.
Warme groetjes,
Wim dai

Correspondent : Koen Cassimon

Kathmandu - 14 juni 2006

Met ons gaat alles goed... en met U ?
Het is woelig geweest in Nepal... en spannend... en niks leuk om drie-vier weken opgesloten te zitten in je eigen huis... met 100 kinderen om je heen.
Ach ja, dat hebben we dan ook eens meegemaakt. Ondertussen gaat het leven verder, de rust is weergekeerd en we hopen uit de grond van ons hart dat het nog lang zo mag blijven. Nu is het nog afwachten wat de onderhandelingen tussen het nieuwe parlement en het rebellenleger gaan brengen, hopelijk komen ze tot een goede overeenkomst.
De goede wil is er en dat is al veel waard en het Nepalese volk heeft gemerkt dat ze heus wel wat in de pap te brokken hebben en "als het moet, doen ze het nog wel eens opnieuw", wordt er fijntjes op-gemerkt.
Normaal gezien houden wij ons als project in het kader van "Children, a Zone of Peace" volledig bui-ten de politiek. Maar dit keer konden we er echt niet naast kijken. Het waren deze keer Ram met de Topi en Sita in de sari die op straat kwamen en hun ongenoegen uitten. Het was massaal en er vielen slachtoffers maar dat hield niemand blijkbaar tegen.
We organiseerden tijdens de Janandolan-weken sport en spel in ons huis, entertainment alom (zie verslag van onze Caro-didi die voor enkele maanden vrijwilligerswerk kwam doen : "Ik hoef waar-schijnlijk niet duidelijk te maken wat het is om meer dan 3 weken met 100 kinderen binnen te zitten, geen school, weinig bewegingsruimte. Maar ze deden het geweldig, natuurlijk! De groten organiseer-den mee pingpongwedstrijden, karremboardcompetitions, mega voetbaltoernooien op het veldje naast ons huis, iedereen hielp en de tijd vloog".
En toen ging het leven verder... eindelijk zetten de scholen hun poorten terug open en onze kids ver-trokken goedgezind en opgelucht terug naar hun school, college of campus.
En eerlijk gezegd... wij waren ook wel opvallend goedgemutst, eindelijk terug een paar uren rust in huis en we konden zelfs gewoon boodschappen doen. Van die kleine dingen des levens die zo nor-maal zijn, tot het je wordt "afgepakt". Het werd ook de hoogste tijd want wij hadden nog 2.000 rupees in huis om meer dan 100 mensen te voeden want gedurende de politieke strubbelingen waren ook de banken, winkels, groothandelaars, ja, in feite alles, pottoe. Maar kom, gedaan met klagen...
Dankzij de extra steun voor onze actie "Opgelicht, opgelucht... Power for Kids" werd de nieuwe gene-rator aangekocht. In het begin heeft dat Indische bakkebeest wel wat kuren verkocht maar al snel hadden we hem door. Nu loopt hij prima. Fantastisch !!! Dat wil zeggen dat we 's avonds een verlicht huis hebben, dat de lessen in de computerklas doorgaan, dat er in het naaiatelier kan gewerkt worden en dat er water kan worden opgepompt...
En er was ook een extra cent voor een nieuwe waterput. Want het wordt alsmaar erger in Kathmandu. De bevolking van deze Himalaya stad (je mag de term Hindhu Koninkrijk niet meer gebruiken) is op een paar jaar verdubbeld. Er is een enorme bouwboom aan het 'boomen' en er wordt meer en meer grondwater opgepompt. Onze oude waterput kon ons niet meer van voldoende water voorzien en er werd een nieuwere gegraven. De oude waterput dieper maken was te omslachtig en wordt nu als re-serve gebruikt.
Dus... nu hebben we 24 uur op 24 uur elektriciteit en water. Wat een weelderige luxe !
Nog goed nieuws: al onze kids van de Bal Shrijanalaya mochten een klasje hoger gaan, van de Shi-vapuri School moet er slechts 1 kid zijn jaar overdoen. Een ongelooflijk resultaat voor de jongens van de Shivapuri School die twee jaar geleden nog op straat moesten zien te overleven.
Ons SchilderTeam is bijna rond, heel het huis kreeg een nieuw laagje verf en het ziet er allemaal pak-ken vrolijker uit. Ze zijn nu de laatste kwast aan het leggen in de eetzaal.
Met ons gaat alles goed... dankzij U !!!! Uw Steun is hun Leven ...

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - 28 maart 2006

Alweer tijd voor een nieuwe Shangrila Home update. Het gaat zo snel....
Youth Rehabilitation Program
Van onze acht nieuwe carpenters die op 1 januari aan hun cursus begonnen, schieten er nog zes over en dat zal wel zo blijven. Als nieuwelingen het niet zien zitten en hun biezen pakken, gebeurt dat meestal in de eerste twee weken. Wie de eerste maand overleeft, zit bijna met zekerheid de hele rit uit. Voor zo'n gasten is het natuurlijk behoorlijk moeilijk zich aan te passen aan hun nieuwe leven in een ge-ordende samenleving met regels en regelmaat. meestal komen onze jongens snel tot rust, maar er zijn er altijd die zich plots vooral de vrijheid van de straten gaan herinneren. Daarbij vergeten ze prompt alle miserie die daarmee gepaard gaat. Spijtig, maar je kan het hen uiteindelijk niet kwalijk nemen.

Praktijk versus theorie
Omdat er weer een aantal jongens hun cursus volmaakten, een job vonden en inmiddels ons huis verlie-ten, zijn we eind januari weer gestart met een lichting van zeven nieuwe jongens. Bedoeling was ze al-lemaal in te schrijven in UCEP, waar er op 13 februari een reeks nieuwe cursussen van start ging. Slechts één van hen kon er beginnen : de anderen hadden niet het vereiste niveau van educatie. Met dit probleem krijgen we regelmatig te kampen en spijtig genoeg is dat heel logisch. Immers, de instituten waar deze jongeren terecht kunnen zijn allemaal organisaties met kansarme jongeren als doelgroep. Maar o eender welke technische training te volgen, moet je natuurlijk op z'n minst kunnen lezen of schrijven; voor bepaalde cursussen moetje zelfs klas 6 hebben afgemaakt. maar hoe kan je nu verwach-ten dat een kansarme jongen een behoorlijk niveau van scholing heeft gehad ? Met deze tegenstrijdig-heid zitten de directeurs en leerkrachten ook verveeld. Ze doen heel erg hun best om zo veel mogelijk de nadruk te leggen op de praktische kant, maar je zit natuurlijk altijd met een gedeelte theorie.
Zes van onze zeven nieuwelingen waren nog nooit naar school geweest. Daar moesten we dus iets an-ders op vinden. Gelukkig zijn er de broers Dinesh en Dilu, onze twee Nepalese social workers. Zij ken-nen veel mensen en hebben veel vrienden. Via Dinesh hebben we drie jongens op stage kunnen plaat-sen in een motorcycle garage en Dilu kende nog een andere garagist waar de overige drie aan de slag konden. We betalen de eigenaars van deze garages een kleine som geld en in ruil worden onze jongens op een honderd procent praktische manier opgeleid. Tijdens deze stageperiode, die tot een jaar kan du-ren, kunnen ze rustig hun tijd nemen om van Dilu en Amrit te leren lezen en schrijven. Onze zevende jongen, die dus wel naar UCEP mocht, is aanvaard voor een vijftien maanden durende opleiding tot au-tomonteur.

Waterwerken
Voor de rest zijn alle bewoners momenteel heel erg gelukkig. Er zijn namelijk in ons YRP-Huis werken aan de gang die hen het leven niet alleen een pak makkelijker maar ook een heel stuk aangenamer zul-len maken. Via onze ex-vrijwilliger Caroline kregen we een sponsoring van de Philips-stichting in Neder-land. Dat geld gaan we gebruiken voor iets essentieels, hoewel niet zo voor de hand liggend : water. De YRP-bewoners kampen steeds met waterproblemen. Er is geen waterput aan het huis en het buisje dat de grond in gaat om toch wat grondwater op te pompen, gaat niet diep genoeg. Zelfs in het beruchte re-genseizoen zijn er dagen dat er niet genoeg water kan opgepompt worden. Maar 21 februari was een hoopvolle dag : toen begonnen de waterwerken. Er komt een waterput, een krachtige pomp, twee nieu-we watertaks en zonnepanelen. Als dit allemaal af is, zal er niet alleen water uit de kranen komen, maar kan er zelfs met warm water gedoucht worden. Vooral in de winter geen overbodige luxe hoor, ik spreek uit ervaring....

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - 25 September 2005

Dag beste mensen,
Het is weer tijd voor een korte update ivm. het YRP House in Aarubari, Kathmandu.
De tijd vliegt snel, ook voor onze YRP jongens. Voor het vijftal dat in januari een heus, echt loodgie-tersdiploma in ontvangst mocht nemen, is er ondertussen al heel wat veranderd. Zij verhuisden enkele maanden geleden naar onze pottenbakkerij in Gokharna. De vorige lichting Gokharna boys hadden er net een jaartje pottenbakken en thuis studeren op zitten en waren net doorgesluisd naar een elk voor hem geschikte plek en gaan nu een hopelijk ietwat meer rooskleurige toekomst tegemoet. De “plum-berboys” namen dus gelijk hun plaats in en zouden, in afwachting van een geschikte job, voorlopig even hun tijd besteden met computerles, Engelse les, alfabetisatie en pottenbakken.
Maar al na enkele dagen hadden enkelen al kans op werk en ondertussen, 2 maanden later, zijn 4 van onze 5 jongens al aan de slag als loodgieter en zullen binnen enkele weken al in staat zijn om aan hun zelfstandige bestaan te beginnen.
De vijfde, Rajan, heeft er na 2 maand werken voor gekozen om weer naar zijn dorp te gaan, waar hij enige jaren tevoren was weggelopen om een bestaan op de straten te gaan leiden. Een paar weken geleden is hij voor de eerste keer sinds jaren op bezoek gegaan bij wat hij nog heeft aan familie, en was enorm blij en opgelucht toen hij weer terug kwam.
Het bezoekje was fantastisch meegevallen en nu hij een diploma op zak heeft en al een beetje erva-ring heeft kunnen opdoen, voelt hij zich weer zelfzeker genoeg om terug te keren en in zijn eigen dorp aan de slag te gaan. We hebben hem al het beste toegewenst en hopen dat hij zo vlug mogelijk zijn draai weer vindt en een mooi leven mag leiden.
Natuurlijk kan niet alles altijd even goed gaan. Van de oorspronkelijk 6 carpenterboys, zijn er nog 4 over. De anderen hebben het opgegeven. Makkelijk is zo’n training natuurlijk niet en sommigen had-den het blijkbaar onderschat. Wat ons ook nog eens extra stof tot nadenken gaf i.v.m. leeftijd, oplei-dingsniveau en interesse van de deelnemers.
We hebben een vergadering belegd met de mensen van CPCS - de shelter van waar de jongens bij ons terecht komen - om hen aan te moedigen nog meer aandacht te geven aan die facetten bij het se-lecteren van de jongens. Het belangrijkste is dat ze de nodige interesse vertonen voor de training die ze zouden volgen, en even belangrijk is dat ze het fysiek aan kunnen.
Diegenen die in een officieel trainingscenter terecht komen, moeten kunnen lezen en schrijven, want bij elke cursus hoort een theoretisch gedeelte.
Natuurlijk zijn er evengoed jongens die niet kunnen lezen, noch schrijven, en ook nog iets van hun le-ven willen maken.
Zo zitten er in totaal 3 jongens in verschillende garages voor motorfietsen, waar zij een onbetaalde stage lopen en zo op een voor honderd procent praktische manier de knepen van het vak leren. Eén van die 3 is ondertussen al zo goed dat hij binnenkort gaat worden aangenomen en een salaris zal krijgen.
Lezen en schrijven leren ze thuis, slowly slowly, met Dilu en Sushil als leraar.
Onze automobile boys zitten in hun laatste fase. Ze zijn momenteel allemaal bezig aan hun stage en zullen hopelijk binnen 2 maanden hun diploma in handen hebben. Automonteurs zijn fel gegeerd in de vallei, dus we verwachten niet al te veel problemen met het vinden van een job voor hen.
En jongeren in nood zijn jongeren in nood, ook al komen ze niet van de straat. Soms kan het zelfs nog erger. Wij hebben 2 jongens in huis genomen die afkomstig zijn van Humla, een door de maoïsten zwaar geteisterd gebied. Beiden zijn er in geslaagd hun secundaire studies af te maken en hebben hun SLC (School Leaving Certificate) behaald om daarna zo snel mogelijk te vluchten naar Kathman-du, om niet in de handen van de maoïsten te vallen, die vooral in die gebieden ijverig op zoek zijn naar jonge mensen (zelfs kinderen) om in hun leger in te lijven. Deze 2 zijn net hier en willen graag een computertraining volgen, waar wij dan ook voor gaan zorgen. Voorlopig komen ze elke ochtend naar Shangrila Home om hier in onze eigen computerklas de beginselen van het computeren onder de knie te krijgen, en deze taak neemt onze lerares Nisha met plezier op zich.
Dat was het weer zo’n beetje. We zijn nog steeds naarstig op zoek naar vaste maandelijkse sponso-ring om ons project wat stabieler te maken en de voortzetting te kunnen garanderen.
Men zegge het voort.

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu, augustus 2005

10 Jaar Shangrila home
Namaste beste Vrienden van De Brug,
10 jaar Shangrila Home !!! We kunnen het zelf haast niet geloven ...
Allicht laten we dit niet ongemerkt voorbijgaan. In België wordt de lade Sponsordag georganiseerd in het CC De Luchtbal en in Nepal vieren we dit op 19 november e.k. Het wordt een knalfeest, zoveel is zeker.
Onze kinderen hebben een programma samengesteld en het ziet er veelbelovend uit. Er wordt ge-danst, acts worden ingestudeerd en er staat een heuse Catwalk met traditionele Nepali outfits en mu-ziek op het programma.
Degenen onder u die er niet bij kunnen zijn worden achteraf getrakteerd met foto's en film.
De Shangrila Home Vrienden die wel op het feest zullen zijn gaan nog eerst een hele toer door Nepal maken.
Maar laat ons even stil staan bij uw Nepalese pleegkinderen. Dankzij uw warme steun werd het moge-lijk gemaakt om arme, kansloze kinderen een thuis te geven en school te laten lopen. In dit arme land is dit voor vele kinderen slechts een droom die nooit zal verwezenlijkt worden.
En dan hebben we het niet enkel over uw financiële steun maar ook over de zeer waardevolle morele steun die we van u krijgen. Zeker nu het land in deze politieke malaise zit hebben we al eens een op-kikkertje nodig. Wij kijken met lede ogen toe hoe meer en meer kinderen op de straten van Kathman-du belanden nadat ze hun dorp zijn ontvlucht wegens de politieke strubbelingen. Kinderen zijn het slachtoffer van deze Strijd om de Macht die door grote mensen gevoerd wordt. Laat ons met z'n allen hopen dat er snel weer vrede in ons dierbaar Nepal mag komen.
Met dank voor alles,
Vanwege het Shangrila Home Team Nepal en Inge Bracke

Kathmandu - 20 december 2004

Aan allen een vredevol 2005 toegewenst!
Een jaar vol licht en vreugde en aan alle medewerkers van De Brug: veel dank voor wat u het afgelo-pen jaar voor ons gedaan hebt.
De politieke toestand in Nepal is nog steeds duister en onduidelijk. Het rebellenleger en de veilig-heidsdiensten blijven elkaar uitmoorden. De grootste slachtoffers van deze strijd zijn de armsten der armen in de afgelegen berggebieden. Zij worden uit hun dorpen gedreven, hun schamele eigendom-men worden in beslag genomen. Zij worden verplicht om zowel het rebellenleger als de veiligheids-diensten onderdak en voedsel te geven. Hun houtvoorraad voor de winter wordt meegenomen en zelfs hun kinderen worden ontvoerd. Ieder gezin moet 1 kind afstaan en deze jonge rekruten worden verplicht mee te vechten.
Mensen weten niet meer aan wiens kant ze nog moeten staan. Ze worden langs de ene kant beschul-digd van spionage voor de veiligheidsdiensten en laatstgenoemden beschuldigen hun dan weer van een rebel te zijn.
Er is een grote exodus naar India en Kathmandu vanuit de dorpen. Wie terugkeert vindt zijn huisje leeggeplunderd en vernietigd.
Om deze redenen is er in Kathmandu een ontzettende toeloop van jonge jongens en meisjes die hun dorp ontvluchtten en in Kathmandu op de straten terechtkomen. Er rest hen geen andere keuze.
De weinige opvangshelters voor deze war victims, zoals ze hier terecht genoemd worden, kunnen het aantal jonge mensen dat toestroomt amper aan.
In februari richtten wij een bijhuis op waar 20 jongens terecht kunnen. Wij hebben hen ingeschreven in een centrum in Sano Thimi waar zij beroepsopleidingen kunnen volgen. Zolang zij deze opleiding vol-gen en jobloos zijn kunnen zij in het YRP-center blijven wonen. YRP staat voor Youth Rehabilitation Program.
Het is op hun vraag dat we dit centrum opstartten. Zij gaven te kennen dat ze niet op straat willen cre-peren, dat ze het harde leven beu zijn, dat ze geen drugsverslaafde of dief willen worden.
De beroepsopleidingen gaan van automechanicien tot metser, schrijnwerker, loodgieter en kok. Ze mogen zelf kiezen wat hun het meeste aanspreekt.
Voor het nieuwe centrum werden 20 bedden, beddengoed, matrassen en keukengerei aangekocht. Ook werden er tafels en banken gemaakt en twee social workers in dienst genomen.
De jongens moeten zelf hun huis onderhouden, koken en hun kleren wassen. En zij doen dat met veel plezier.
Het is ontroerend om zien hoe zij deze kans met twee handen aanpakken. In het begin zagen we zor-gelijke gezichten en bange afwachtende ogen, nu zien ze er ontspannen en tevreden uit.
Ze hoeven zich geen zorgen meer te maken over het feit of ze die dag wel eten op hun bord gaan hebben, waar ze moeten slapen. Ze hoeven ook niet buiten te liggen in de kou, want de Kathmandoe-se nachten kunnen behoorlijk fris zijn. Ze hoeven niet meer bang te zijn van overvallen te worden door straatbendes of politie. Ze mogen gewoon een jonge mens zijn die op een menswaardige manier be-handeld wordt.
Het oprichten van dit nieuwe centrum is zeker een succes te noemen.
Met dank aan U allen die dit mogelijk maakt en 20 jonge mensen een helpende hand aanreikt.
Met vriendelijke groeten.
Shangrila Home-Nepal : http://users.pandora.be/Shangrila

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - 21 september 2004

Politieke onrusten in Kathmandu.
1 september zal de Nepalese geschiedenis ingaan als ‘Zwarte Woensdag’. Die avond kregen de Ne-palezen het droevige bericht dat hun 12 in Irak gegijzelde landgenoten op gruwelijke wijze om het le-ven werden gebracht door een fundamentalistische organisatie. Hen werd verweten dat zij de Ameri-kanen, Christenen en Joden steunden.
Sinds jaren zijn er politieke onlusten in Nepal en is het land bestuurloos geworden.
De ene regering volgt de andere op. Er beweegt op politiek vlak niets meer in dit land. Slechts 20% van het land wordt nog ‘geregeerd’. Corruptie viert hoogtij, de werkloosheidcijfers gaan pijlsnel om-hoog. 80% van het land wordt niet geregeerd.
Dit vacuüm wordt opgevuld door het Rebellenleger. Wegens de stuurloosheid van het land heeft de regering zelf de ideale voedingsbodem gekweekt om de rebellen hun propaganda te laten voeren.
Vele Nepali’s ontvluchten het land en gaan elders het fortuin zoeken. Er zijn overeenkomsten tussen de oliestaten en Nepal en de uitzendbureau’s zijn de laatste jaren als paddestoelen uit de grond ge-schoten... het is een goede business.
De sommen die betaald dienen te worden voor een job in het buitenland zijn fenomenaal.
Er wordt geleend, al wat verkoopbaar is wordt verkocht om toch maar aan die felbegeerde job te ge-raken. Eens ter plaatse (Saoudi Arabie, Koeweit, Qatar, Jordanie) blijkt dikwijls dat de werklustigen er bedrogen uitkomen. En zoals nu is gebleken worden vele van deze mensen via tussenpersonen naar Irak geloodst. Zij zijn de moderne slaven van deze tijd.
De 12 Nepalezen die op illegale wijze in Irak terechtkwamen hadden absoluut geen politieke be-weegredenen. Voor hen is het al gelijk waar zij werk krijgen, zij doen dit enkel en alleen maar om geld te verdienen om hun familie in leven te houden.
Na het bericht van de moord op deze 12 mensen schoot Kathmandu wakker.Woede en frustratie von-den een uitweg in vernielingen en vandalisme. Al wat ook maar enigszins te maken had met de oliestaten en Islam werd aangevallen.Het gevolg hiervan was een uitgaansverbod gedurende 4 da-gen.
En toen werd het terug kalm...
En het leven gaat verder...
Ook in Shangrila Home...
Vorige maand openden we een nieuw bijhuis waar 20 jongens een onderkomen vinden.
Het YRP-huis (Youth Rehabilitation Program) is er voor straatjongens die willen afkicken van drugs en alcohol en wat van hun leven willen maken. Na de eerste opvang in een socialiseringsprogramma kunnen ze een beroepsopleiding kiezen.
Deze opleidingen gaan van automechaniek tot metser, loodgieter en schrijnwerkerij.
Na jaren straatleven zijn deze jongens te groot om nog op de gewone school ingeschreven te worden. De meesten van hen zijn nooit naar school geweest en voor een 16-jarige is het gewone onderwijs een soort dwangbuis waar ze zich onbehaaglijk en gevangen voelen. Zij zijn immers gewend aan de straatvrijheid ook als is dit een zeer relatieve vorm van vrijheid. Het moeten overleven op de straten van Kathmandu is bikkelhard.
Doordat zij zo dikwijls bedrogen en vernederd werden door grote mensen is de vertrouwensband met deze jonge mensen zeer broos.
Maar toch... zij zijn zo vreselijk trots op hun nieuwe huis, zij stralen gewoon.
Aangezien zij amper een draad aan hun lijf hadden werd voor ieder een nieuwe broek en 2 t-shirts ge-kocht en werden ze van schoeisel voorzien. De meesten liepen barrevoets en hadden bijgevolg lelijke ontstoken wonden aan voeten en benen.
De eerste dagen waren we vaste bezoekers bij de dokter, de ene had geelzucht, anderen TB, wor-men, hoofdluis... langzaam maar zeker werd iedereen opgelapt en mits de juiste medicatie konden ze terug op krachten komen. Regelmatige en gebalanceerde voeding doet ook wonderen.
Na een maand hebben deze jongens een ware metamorfose ondergaan. De achterdocht is uit de blik in hun ogen en ze zien er ontspannen uit. Ze moeten zelf hun huis onderhouden, koken om beurten en wassen zelf hun kleding, lakens en handdoeken.
En ze doen dat met plezier. De eerste week zagen we hen zelfs alle dagen hun ruiten zemen... zo trots waren ze op hun nieuwe woonst.
Wat de toekomst voor deze jongeren gaat brengen is voor iedereen een raadsel. Soms is het om een beetje moedeloos van te worden, ze volgen wel beroepsopleidingen maar waar gaan ze werk vinden?
Ach, het voornaamste voor ons op het ogenblik is dat er weeral 20 jonge levens een menswaardig be-staan hebben gevonden, ze moeten niet meer zien te overleven op de vuilnisbelten van Kathmandu, moeten ‘s nachts niet meer bang zijn om beroofd of gearresteerd te worden, niemand meer die hen slaat of vernedert, niet meer alleen ziek op straat liggen...
De levenslust die deze 20 jongens uitstralen is aanstekelijk... het geeft ons ook weer de moed om er voor de volle 100% in te vliegen.

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - mei 2004

Verhaal uit het NAVJYOTI CENTER

Onze Thulo Subhadra was negen jaar oud toen zij via CWIN* in Shangrila Home kwam wonen. Zij is altijd een heel speels meisje geweest dat zich een beetje apart gedroeg. Wanneer op zaterdagmiddag iedereen voor de televisie zat, was er steeds nog eentje buiten aan 't spelen: dat was Subhadra. Zij hield niet van dat stil moeten zitten voor die bak. Bij het opgroeien bleek dat zij zich moeilijk kon con-centreren.
Leren lezen en schrijven... het ging zeer moeizaam. Zij was ook steeds op zoek naar haar school-bloes, -rok en dito schoenen of boekentas. Uit haar boekentas waren er ook steeds maar dingen zoek. Wij kwamen haar boeken overal tegen: ergens boven in de TV-kamer of alleen maar de kaft op de trap.
Subhadra vond ook alles mooi, oude doosjes wierrook van 1 of andere vuilnishoop, lege blikjes... alles kon zij gebruiken, sleepte ze mee naar huis... en alles werd onder haar matras gestopt. Soms vroeg je je af hoe zij nog in dat bed kon slapen want die matras stond letterlijk en figuurlijk bol van de rommel.
Subhadra had ook steeds behoefte aan gezelschap, wanneer zij aan 't spelen was, was het altijd in de buurt van een dai of didi. Het was duidelijk dat het haar een veilig gevoel gaf wanneer dai of didi vlak bij haar was.
Hoewel ze het voor zichzelf niet nodig vindt om wat orde rond zich te scheppen, geniet ze ervan om dai of didi mee te helpen opruimen of schoonmaken.
Ondertussen is ze 16 geworden, fysiek een groot meisje, mentaal nog steeds die kleine negenjarige meid die haar leven met de beste wil van de wereld maar niet georganiseerd krijgt.
Schoollopen was voor haar een ongelukkige ervaring. Vermits zij niet mee kon was zij steeds maar de "dommerik" van de klas, kreeg zij alsmaar straf en werd ze zelfs geslagen op school door een zekere Miss Sapana die er blijkbaar een sadistisch genoegen in had om Subhadra te vernederen en voor heel de klas te kleineren. Meermaals kwam zij huilend naar huis... op een dag schoot het me recht van mijn tenen naar mijn hoofd en terug en ben ik met de schooldirecteur gaan praten. Er werd over-eengekomen dat Subhadra werd ontzien en Miss Sapana werkt niet meer op die school. Die is waar-schijnlijk elders onschuldige kinderen aan het treiteren.
In al haar eenvoudige onschuld is Thulo Subhadra een ontzettend lief meisje dat tegen de grote boze buitenwereld dient beschermd te worden. Geen haar op haar naïeve hoofd dat er aan denkt om ook maar iemand kwaad te doen en geen haar op haar hoofd dat er ook maar aan denkt dat iemand haar iets kwaads wil aandoen. Zelden in mijn leven ben ik iemand tegen gekomen die zo ontzettend goed-gelovig en vol vertrouwen is en zo vreselijk ontroerend aanhankelijk.
Eerst hebben we geprobeerd om haar hier in huis wat klusjes te geven, maar algauw bleek dat Sub-hadra behoefte heeft aan structuur in haar leven. Zij moet duidelijk afgemeten grenzen hebben en heeft mensen nodig die haar stimuleren en motiveren want haar eigenwaarde is ver zoek.
Subhadra's moeder is een arme vrouw die zich uit noodzaak prostitueert. Zij kon zich amper een schamel kamertje permitteren en dit was ook haar werkterrein. Subhadra heeft van baby af aan haar moeder klanten zien ontvangen... hierdoor heeft zij een zeer verward beeld over wat een vrouwenli-chaam eigenlijk waard is. Mama deed het toch ook allemaal en wat mama doet kan nooit verkeerd zijn want mama is de liefste en de beste van de hele wereld. Gelukkig werd Subhadra negen jaar geleden gevonden door veldwerkers van CWIN die haar in het Balika House hebben opgevangen. (Balika House is het tehuis voor meisjes van CWIN).
Vorig jaar met Dasain** kwam mama op bezoek met haar nieuwe pooier. Die zag wel verkoopbare handelswaar in Subhadra en hij begon haar via de telefoon lastig te vallen. Hij beloofde het arme kind vanalles, van een groot huis tot mooie kleren. En die arme kleine was opgetogen dat haar "new fa-ther" zo'n interesse in haar had. Wat was het moeilijk uit te leggen aan haar dat haar "new father" eer-der financiele voordelen in haar zag.
Een paar weken geleden kwamen de telefoontjes weer... iedereen in huis was gealarmeerd en er werden instructies gegeven dat Subhadra vooral met niemand mee mocht gaan, dat ze niet alleen buiten mocht.... Op een zaterdagmiddag stond mama hier. Subhadra helemaal in de wolken dat haar mama nog eens op bezoek kwam. Groot en klein lag op de loer dat Subhadra nergens mee naartoe ging en Ulla-didi en onze Guard-dai hadden zich beneden op de trappen geïnstalleerd zodat er niemand ongezien kon passeren.
Op een gegeven ogenblik ging mama naar huis en kwam Subhadra vragen of ze mee mocht wande-len tot aan het kruispunt... het antwoord was "neen". Mama vertrok dan maar alleen, zij was nog niet goed en wel beneden of de telefoon ging alweer, het was de "new father" die eventjes zeker wou we-ten of Subhadra wel mee met mama was gegaan.
Toen hij Subhadra in hoogst eigen persoon aan de telefoon kreeg begon hij haar vragen te stellen: "Is je mama daar nog?". Neen, zei het meisje, ze is vertrokken. En toen begon die man haar uit te schel-den en te roepen aan de telefoon "Waarom ben jij daar dan nog, waarom ben je niet mee met je ma-ma gegaan want ik wou je meenemen voor een bezoek aan mijn dorp, jij bent een ondankbaar kind".
En toen begon het arme kind onbedaarlijk te snikken.... ik heb heel het gesprek gevolgd via de draad-loze telefoon. En het schoot weer maar eens van mijn hoofd naar mijn tenen en terug. Ik ben die moeder achterna gelopen en haar gezegd dat wij heel goed wisten dat zij van plan waren om Subha-dra mee te troggelen en haar of te laten werken voor hen of haar te verkopen... Moeder trok zogezegd verbaasde ogen, zij wist van niets, het was een ongeloofwaardig stukje toneel.
Onze grootste jongens en meisjes kwamen er ook bij staan en om beurt spraken zij de moeder toe, vooral vinnige Parvatti en Deepa waren op hun best. Zij riepen, niet bepaald vriendelijk: "Wij weten heus wel wat je wilt doen en zij is ONZE Subhadra en wanneer je iets slechts met haar wil doen, dan heb je ons tegen en wij zullen alles doen om Subhadra te helpen want zij is ons zusje!!!".
Mama is met de staart tussen de benen afgedropen. Subhadra hebben we teruggevonden, gehurkt achter een deur met de handen voor het gelaat en hartverscheurend aan het huilen. Zij snapt er niets van... waarom zijn wij toch zo boos op haar mama en haar "new father"? Indien Subhadra niet be-schermd wordt is zij een vogel voor de kat, komt ze terecht in een bordeel en is het nog zeer de vraag of zij volgend jaar nog wel in leven is.
Dit is wat armoede doet met mensen, armoede maakt dat mensen hun kinderen verkopen om zelf in leven te blijven... het is de harde realiteit.
Jaarlijks worden er honderden Nepalese meisjes verkocht aan de bordelen van Bombay en Delhi. Ne-palese meisjes zijn fel gegeerd wegens hun schoonheid en sierlijkheid. In de rosse buurt van Bombay werken 200.000 prostituees waarvan 60.000 Nepalese meisjes en kinderen. Het is het grootste bor-deel van Azie. Vooral kindmeisjes die nog maagd zijn, zijn erg in trek, men gelooft dat een maagd he-lende krachten heeft en zij haar jeugd doorgeeft aan degene die haar ontmaagd.
Onwetende jonge meisjes uit de bergdorpen wordt wat wijsgemaakt, hen wordt een goede job beloofd in India of Kathmandu, zij worden verkocht door hun vaders, broers en ooms...
Ondertussen hebben wij voor Subhadra een goede oplossing gevonden., zij gaat nu alle dagen naar het Navjyoti Center. Deze school is er een voor kinderen met "sustha manasthiti" wat zoveel wil zeg-gen als "mentale achterstand in vergelijking met leeftijdsgenoten".
Het centrum staat onder de leiding van Sister Arpita, een Indische non van de Orde van de Sisters of Charity of Nazareth. Dit centrum is uniek in Nepal. In dit land speelt bijgeloof een ontzettend belangrij-ke rol in het dagdagelijkse leven. Men gelooft dat mensen met mentale of fysieke problemen wel iets zullen misdaan hebben in een vorig leven en dit moeten uitzweten in het huidige. Of dat deze persoon bezeten is door de duivel of andere duistere krachten werkzaam zijn.
In het Navjyoti Center worden deze kinderen met liefde en respect behandeld, er worden 60 kinderen opgevangen door 15 begeleiders. Er wordt gedanst, gezongen en gespeeld. Voor degenen die het aankunnen om te lezen en te schrijven zijn er speciale klasjes, er is een atelier waar kaarsen worden gegoten of omslagen met kaarten worden gemaakt.
Een stralende Subhadra kwam thuis van haar eerste dag in Navjyoti. Zij zat vol vrolijke verhalen en wist te vertellen dat haar Miss had gevraagd waar ze zo goed had leren dansen. Toen Subhadra had geantwoord dat ze dat zelf had geleerd, had de Miss haar de hemel in geprezen en gezegd dat ze een "dherai ramri keti" was wat zoveel wil zeggen als "een heel goed meisje". Aan iedereen die het maar wou horen heeft ze de rest van de avond haar verhaal telkens weer opnieuw afgestoken, met telkens weer dat glunderende, gelukkige kopje... en wij natuurlijk mee dolgelukkig dat we voor deze lieverd deze fantastische oplossing hebben gevonden.
Met allerhartelijkste dank aan Sister Arpita en haar medewerkers van het Navjyoti Center.
Laten we samen de Subhadra's van deze wereld beschermen tegen de duistere krachten.
Inge

* CWIN: Child Workers in Nepal.
** Dasain: het belangrijkste Hindu festival, vergelijkbaar met kerst- en nieuwjaar.

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - 24 maart 2004

Van harte Namaste aan alle medewerkers van De Brug.
Vooreerst een warme dank voor de centen die we dit jaar van weeral van jullie mogen ontvangen. Shangrila Home breidt zich alsmaar uit en we kunnen het zeker goed gebruiken. Vooral nu we ook met een rehabilitatiecentrum begonnen zijn. Enkele jaren geleden huurden we in Gokharna een klein huisje waar een pottenbakkerij werd in geïnstalleerd. Het ligt kompleet buiten het stadscentrum van Kathmandu in een rustgevende omgeving. Vijf jongeren vinden er, onder de begeleiding van een straathoekwerker, een onderkomen waar ze in alle rust kunnen afkicken van drugs en alcohol.
Vorig jaar in februari werden de eerste vijf jongens er opgevangen, gedurende een jaar kregen ze 's ochtends alfabetisatie- en Engelse les. Drie van hen zijn vorige maand naar Shangrila Home verhuisd. Zij hebben te kennen gegeven dat zij graag school willen lopen en ze zijn er helemaal klaar voor.
De twee andere jongens blijven er nog een tijdje. Wegens hun zware verleden van drugs en het leven in straatgangs hebben ze nog wat meer tijd nodig om tot rust te komen. Ondertussen zijn er dan weer drie nieuwe jongens bijgekomen. Sinds 2 weken hebben zij eindelijk een dak boven hun hoofd, een eigen bed en alle dagen eten. Zij moeten vooral rust in hun hoofd vinden want zij hebben zware jaren achter de rug.
Het leven van een straatkind is hard, het is een meedogenloze wereld waar straatbendes onderling de regels uitmaken. Wie zich niet aanpast aan deze regels krijgt het hard te verduren. De ledematen worden bewerkt met gilettemessen en brandende sigaretten, dit als "straf" voor degenen die niet willen luisteren naar de Wet van de Straat. Van kleine jongetjes wordt misbruik gemaakt, de groteren sturen hen uit stelen en bedelen en die kleintjes moeten hun buit 's avonds afgeven. Wie te weinig bij elkaar heeft gehaald wordt ook gestraft.
Dan is er ook nog de angst voor de politie. De politieke strubbelingen in Nepal van de afgelopen jaren, de problemen met het rebellenleger en de veiligheidsdiensten, hebben het er niet beter op gemaakt. Iedere jongere die 's avonds of 's nachts nog op straat rondloopt wordt als "maoïst" bekeken en gear-resteerd. Kinderen verdwijnen in de gevangenissen en hebben niets of niemand die hen er uit helpt. Momenteel weten we niet hoeveel kinderen er in de gevangenis verblijven, zij zijn immers de "ano-niemen" van de straat en staan nergens geregistreerd. In feite doet men er gewoon mee wat men wilt, zij hebben toch niemand die iets voor hen kan doen.
De politie arresteert hen en beschuldigd hen van "linkse" activiteiten en halen hiermee goede punten bij hun meerderen.
Vandaar dat we ook nog een extra shelter hebben opengedaan waar jongeren de nacht kunnen door-brengen en 's avonds 1 maaltijd kunnen krijgen. In de buurt Pashupatinath-Chabil-Boudanath was er geen enkele opvang voor hen. Er komen ook dagelijks een twaalftal meisjes in de shelter slapen. Zij zijn nog piepjong, tussen de twaalf en zestien jaar oud en prostitueren zich om aan geld voor een maaltijd te geraken. Het is een harde wereld.
Zoals jullie begrijpen kost dit allemaal weeral geld, maar we hebben met een aantal bestaande Nepa-lese organisaties de handen in elkaar geslagen en komen tot de slotsom dat we met onze beperkte fi-nanciële middelen toch voor een 700 a 800-tal kinderen zorgen.
In Shangrila Home zelf is het examentijd. Wanneer jullie dit lezen zullen de examens voorbij zijn en mogen de kinderen genieten van een korte zomervakantie. En ook in ons Home hebben we niet stil-gezeten en is het aantal kinderen weeral uitgebreid tot 76.
De kleinste is een babytje van 7 maanden. Zij is nu 3 maanden bij ons. Haar moeder is op 18-jarige leeftijd overleden en de 16-jarige vader kan niet voor haar zorgen. Dus hebben we die kleine bij ons een thuis gegeven.
Bij de start van het nieuwe schooljaar, volgens de Nepalese kalender einde april, hebben we ook 10 nieuwe schoolgangertjes. Dat betekent nieuwe schooluniformpjes, boekentassen, boeken en schrif-ten, schrijfgerief en inschrijvingsgeld op school.
Maar tegenwoordig hebben we ook een echt naaiatelier waar we zelf de uniformen maken. Ook weer een nieuwe verwezenlijking. Er worden vier vrouwen in ons kleine atelier opgeleid. Deze vier dames zaten met hun kinderen op straat. Zij werden door hun "echtgenoot" achtergelaten of er uit geschopt en moesten dan maar zien te overleven met hun kinderen.
De wetgeving in Nepal is zeer vrouwonvriendelijk. Vrouwen hebben geen erfenisrechten, sociale ze-kerheid of alimentatie is ongekend. Vrouwen die niet de zeer gegeerde zoon baren kunnen er zomaar uitgeschopt worden.
Ons nieuwe naaiatelier hebben we "Ariya Tara" gedoopt. Zij is de boedhistische godin voor onafhan-kelijkheid en welvaart. Sinds enkele maanden komen de dames les volgen. Zij kunnen hun kleintjes meenemen naar ons home. Vlakbij hebben we voor hen kamers gehuurd waar ze samen met hun kindjes ook een onderdak hebben gevonden.
De toestand waarin deze vrouwen zijn aangekomen bij ons was hemeltergend. Zij waren volledig ver-kommerd en onderkomen, hun kinderen en zijzelf ondervoed, hun kleren kapot, de haren vol hoofd-luis.
Een douche, eten in de buik en propere kleren doen wonderen met een mens. Na enkele maanden zien deze eenoudergezinnetjes er prima uit. Dhaky, een van de vrouwen, was er het ergste aan toe. Toen zij nog met haar twee zoontjes op straat leefde was zij aangereden door een tractor. Zij had geen geld om zich medisch te laten behandelen. De hoofdwonde is lelijk aan elkaar gegroeid.
Ondertussen hebben we een afgestudeerde. We zijn heel trots op onze Surya. Deze jongen heeft ja-ren in een tapijtfabriek 16 uren per dag knoopjes gelegd. Hij heeft nu een technische opleiding achter de rug en is een gediplomeerde loodgieter.
Ram Kumar is zwaar aan het studeren geslagen. Hij is erg intelligent en volgt Informatica. Een nuttig beroep in Nepal want computers zie je hier meer en meer. Zelfs in het kleinste trekkingbureautje staat wel een computer.
Een paar van onze meisjes willen een verpleegsteropleiding volgen. Zij moeten nu hun middelbaar afmaken en kunnen dan een training volgen in het Teaching Hospitaal. Tevens een erg nuttig beroep in Nepal want er is een groot tekort aan artsen en verpleegkundigen.
Zoals jullie kunnen lezen zitten we hier niet stil. Er wordt hard gewerkt en we doen ons uiterste best om dit huis vol jong leven draaiende te houden. Deze kinderen en jongeren zijn de toekomst van dit arme land.
Allicht zou dit alles niet mogelijk zijn door de fantastische inzet en warme steun die we van onze vrienden in België mogen ontvangen. Hiermee bedoel ik niet alleen geldelijke steun, ook morele steun is heel belangrijk voor ons. Vooral op de dagen dat alles lijkt tegen te werken en we op onbegrip en wantrouwen botsen van de begoede Nepalees. Wegens het kastensysteem en de daar bijbehorende onrechtvaardigheden is het soms knokken.
Telkens weer opnieuw leggen we aan de mensen uit dat ook onze arme straatkinderen recht hebben om te leven, dat zij in feite iedereens kinderen zijn en geen last die in de weg loopt van de welgestel-den.
Nogmaals aan u allen, en dit uit naam van al onze kinderen: een hartelijke, welgemeende dank voor uw steun en inzet!!

Correspondent: Koen Cassimon

Kathmandu - 12 december 2003

Het jaar 2003 loopt weeral op zijn einde en via deze weg wens ik u allen fijne Kerstdagen en een ge-lukkig en gezond 2004 toe.
Ook al wordt kerst en nieuwjaar in Nepal niet echt gevierd, toch zijn het voor ons dagen dat we een beetje melancholisch worden. Het zijn in België de dagen die we doorbrengen met vrienden en familie en ieder jaar opnieuw verlang ik rond deze tijd naar die gezelligheid.
Hier bij ons in Shangrila Home vieren we alles, het nieuwjaar van de boeddhisten en de Hindoes en met kerst organiseren we toch ook steeds een feestje voor onze kinderen. Voor ons is het belangrijk om respect te hebben voor eenieders geloof en overtuiging, zou de wereld er niet veel mooier uitzien moest iedereen dit doen?
Ook in Nepal heeft de winter zijn intrede gedaan en dit is wel de meest ellendige tijd voor de vele straat- en zwerfkinderen van Kathmandu. Tijdens de dag schijnt het zonnetje wel maar ‘s nachts gaat de temperatuur toch onder het vriespunt hetgeen voor degenen die buiten moeten slapen bittere mise-rie is.
De politieke toestand in de verlaten streken van Nepal ziet er ook niet rooskleurig uit. De rebellen en de veiligheidsdiensten bestrijden elkaar en waar ze in feite voor zorgen is dat de meest armen hier het grootste slachtoffer van zijn. Er is een exodus naar de steden Kathmandu en Pokhara, waar mensen nog een beetje veiligheid hopen te vinden. Het resultaat is dat er nog meer straatkinderen zijn dan een paar jaren geleden maar ook gezinnen die hun hebben en houden hebben achtergelaten in hun dorp en dakloos hun heil zoeken in de koekestad.
In Shangrila Home zorgen we inmiddels voor 71 kinderen, bij ons vinden ze een thuis, ze krijgen er waar ieder kind op de wereld recht op heeft: onderdak, een warm bed, kleding, onderwijs, medische verzorging en vooral veel liefde. Toch willen en kunnen wij de ogen niet sluiten voor de armoede die buiten ons huis nog steeds voortleeft. Daarom zorgden we ervoor dat er ook warme dekens en kledij naar een ander opvangtehuis voor straatkinderen gingen. Onze kinderen zijn hun verleden niet verge-ten en het was hartverwarmend om zien hoe solidair ze zich voelden naar de straatkinderen van dat opvangtehuis. Zijzelf weten als geen ander hoe het is om honger en koude te hebben en hoe een-zaam je kan zijn wanneer er niemand is die voor je zorgt.
Inmiddels draait het leven hier op volle toeren, we hebben ons naaiatelier vergroot en hebben kleine verbouwingswerken moeten doen. In ons naaiklasje kon je niet meer draaien of keren. Er werden cur-sussen opgestart voor kansloze vrouwen, zij krijgen bij ons een opleiding en kunnen in de toekomst samen een werkplaats organiseren. Op die manier kunnen zij in hun eigen levensonderhoud en dat van hun kinderen voorzien. Preventief werken, noemen wij het, want zo kunnen we voorkomen dat er weer meer kinderen op de straat sukkelen.
Ook onze grootste meisjes krijgen een opleiding en er rollen mooie zaken onder die naaimachines vandaan.
Kleine kindjes worden groot en ondertussen hebben we een afgestudeerde loodgieter, een universi-teitsstudent Informatica en twee Collegestudenten die voor Wetenschappen gekozen hebben. Er werd een microlening gegeven aan een huisverlaatster, zodat zij samen met haar man, een kruidenierswin-keltje kon opstarten.
In onze Pottenbakkerij in Gokharna verblijven inmiddels al 10 maanden vijf jongeren met een zwaar drugsverleden. Zij krijgen een jaar de kans om tot rust te komen en af te kicken van drugs en alcohol. De jongeren volgen ‘s ochtends alfabetisatie- en taalklassen in Shangrila Home en gaan ‘s middags naar de Pottenbakkerij waar zij mooie kleiproducten maken. Het is een meditatieve bezigheid en het is mooi om zien hoe zij er tot rust zijn gekomen. Na het jaar rehabilitatie kunnen zij een keuze maken wat ze verder met hun leven gaan doen. Wanneer een jong mens de kans krijgt zich te bezinnen on-der serene omstandigheden, zich geen zorgen meer hoeft te maken of hij wel eten gaat hebben die dag en weet dat er mensen zijn waar ze kunnen op rekenen en hen geen valse beloftes voorspiegelt, wel, dan zie je dat hoopje ellende openbloeien tot een mooie mens.
Het is haast niet voor te stellen dat ze amper een jaar geleden bij ons arriveerden als junkie en ge-noodzaakt door het straatleven moesten stelen om in leven te blijven. Wanneer ik de foto’s van hun aankomst vergelijk met hoe ze er nu uitzien... het is echt niet te geloven. De achterdocht en angst in hun ogen heeft plaatsgemaakt voor een blik vol levensvreugde.
Onze kleinste kinderen gaan allemaal nog even graag naar school. Het is mooi om zien hoe ze ‘s morgens keurig in rij naar school vertrekken. Iedereen ziet er piekfijn uit in dat verzorgde schooluni-form, vooral de meisjes met die fleurige lichtblauwe strikken in dat mooie zwarte haar... Het is een feest op zich die blije gezichtjes ‘s namiddags weer naar huis te zien komen.
Want voor deze kinderen is Shangrila Home nu “thuis” geworden, zij die niets of niemand hadden hebben een veilig nestje gevonden waar niemand hen slaat, mishandelt, misbruikt... ze hebben er zelfrespect en eigenwaarde gekregen. Zij die eens anoniem en ongewenst waren hebben een thuis die ze kunnen delen met vele vriendjes.
Dit alles zou nooit mogelijk kunnen zijn zonder de warme steun van onze Shangrila Home Vrienden in België en in Nederland. Het is dankzij uw immense inzet dat we deze kinderen en jongeren een goede toekomst kunnen geven. Kinderen zijn de toekomst van deze wereld.
Uit naam van al onze Shangrila Home-bewonertjes spreek ik een hartelijke dank uit aan alle vrienden van De Brug voor uw fantastische steun.
“Vele kruimels maken een brood”, las ik ooit ergens... klopt als een bus!!!
Een hartelijke Namaste vanwege ons allemaal!!

Correspondent: Lutgart Buyens

Kathmandu - 6 mei 2003

Nogmaals wil ik je bedanken voor de gastvrijheid op de Brugavond bij je thuis, ik vond het zeer aan-genaam om in zulk een huiselijke sfeer over ons project te kunnen praten.
Meteen Iaat ik je hiermee weten dat ik naar de bank ben geweest en dat de centen zijn aangekomen op 4 april, nl. 1.295 Euro. Ondertussen heb ik jullie formulieren ingevuld en die komen binnen twee weken mee naar België met iemand die hier vertrekt en ze op de post zal doen.
Nogmaals bedankt en vriendelijke groeten.

Correspondent: Lutgart Buyens


E-mail van 12 mei 2003

Ik wens jullie veel succes met de ontbijt-aan-bedactie fantastisch weeral zoveel inschrijvingen. Ik heb de foto’s bij jou thuis gezien van een vorige actie en het zag er indrukwekkend uit!!
Morgen vertrekt er een vrijwilligster richting België, zij neemt mijn post mee en daar zit ook het formu-lier bij dat ik voor jullie diende in te vullen. Dat zal een van de dagen bij Lutgard Verbist in de brieven-bus vallen.
Tot de volgende keer en vele groetjes.

Correspondent: Lutgart Buyens

Kathmandu - 29 juni 2002

Hier is mijn brief dan. Het is wel met vertraging maar we hebben hier drie dagen zonder telefoon geze-ten, dus hebben we ook niet kunnen mailen.
Eerst en vooral bedank ik u alen van harte voor de gift die we dit jaar weer van u hebben mogen ont-vangen. Het is al een erg druk jaar geweest voor ons wegens de verhuizing en zoals u allen weet en al ondervonden hebt: verhuizen kost geld.
De verhuizing
Ons stulpje in Baluwatar werd echt te klein voor onze bewonertjes. Afgelopen Kerstmis geraakten we zelfs niet meer met z’n allen in onze leefruimte. Terwijl de kerstman op bezoek was moesten er enkele ongelukkigen buiten aan het raam blijven staan.
In september dit jaar vieren we het zevenjarige bestaan van Shangrila Home. Zeven jaar geleden zijn we gestart met de opvang van 11 straatkinderen, ondertussen zijn het er al 52 geworden. We wisten echt niet meer waar we ze nog moesten bijeenproppen. In Azië is men wel gewend om met veel men-sen een woonruimte te delen, waanneer er iemand bijkomt schuift iedereen gewoon een eindje op. Maar op een gegeven ogenblik kon dit echt niet meer.
De kinderen moesten ook in shiften eten, de eetplaats was te klein, er was ook geen ruimte om tafels en banken bij te zetten.
Onze bewonertjes krijgen bijlessen van Madhu Sir, onze huisleraar. Zij gaan wel naar school maar hebben allemaal een zware leerachterstand wegens hun straat- en zwerfverleden. De goede man wist niet meer waar hij zijn studenten moest zetten, want alles speelde zich af in de leefruimte. Ook dit was niet meer mogelijk, wij kregen er al onze ijverige studenten niet meer binnen.
Ook was men ons aan het inbouwen. Rond ons huis in Baluwatar lag veel braakliggend terrein. Er was plaats genoeg om buiten te spelen... Helaas, men begon grond te verkopen en met lede ogen moesten wij toezien hoe landmeters en architecten de grond kwamen opmeten met de nieuwe eige-naars. En prompt verschenen er ook nieuwe huizen rondom ons, het speelterrein was fameus inge-krompen. Vermits men van urbanisatie geen kaas heeft gegeten hier, bouwde men een huis op nog geen meter afstand van het onze. Het resultaat was dat bet stikdonker was geworden bij ons. Alle ge-voel voor ruimte was verdwenen. Aangezien Baluwatar een residentiële woonwijk is en er in feite meestal de beter gegoeden wonen, waren wij er ook niet gerust in. Allicht is er in een huis met zoveel kinderen veel lawaai en is het ook begrijpelijk dat wij nu niet bepaald de rustigste buren zijn die men kan dromen.
Onze achterburen hadden al beledigende opmerkingen naar onze kinderengeroepen. Er werd ‘khate’ geschreeuwd tegen onze kinderen, wat in het Nepalees ‘voddenraper’ betekent. Dit kwetst onze kin-deren enorm, zij zijn inmiddels scholieren geworden en hun leven op de vuilnisbelten en ‘s nachts op straat slapen ligt achter hun. Maar ja, mensen kunnen wreed zijn en denken soms niet na wat het be-tekent voor zo’n kind om dat steeds maar opnieuw onder de neus gewreven te krijgen.
Daarom werd er geopteerd voor een groter huis en dat hebben we gevonden in Arubari, Tinchuli. Aru-bari is een buitenwijk van Kathmandu. Het is erg groen en er is enorm veel ruimte rondom ons heen. Het huis dat we betrokken hebben biedt ook aan onze Shangrila Home-bewoners de nodige plaats en ademruimte. Onze Madhu Sir heeft zijn eigen klaslokaal. Voor zijn klasje werden schoolbanken, een schoolbord en een opbergkast gekocht.
Boven hebben we een grote speel- en leefruimte en beneden is er een enorme grote eetzaal. De kin-deren zitten niet meer met hun ellebogen in elkaars bord en we kunnen terug allemaal samen eten. Er werden nieuwe tafels en banken bij gezet en de maaltijden verlopen nu in alle rust. Het is ook heel fijn dat groot en klein terug bij elkaar kan zitten. De grootsten helpen de kleinsten voort bij bet eten en dit geeft een erg familiale sfeer.
In de grote leefruimte hebben we nieuwe vloerbekleding gelegd. Er lag een houten vloer waaruit na-gels en splinters staken.
We zijn nu ook in bet bezit van een grote, droge stockeerruimte. In onze vorig huis moesten we onze voorraad kledij, die we uit België krijgen, in de garage opbergen. Wegens het tropische klimaat tijdens de monsoen-periode geraakte alles beschimmelt en moesten we zaken wegsmijten.
Nu hebben we die droge ruimte waar we langs de muren grote rekken hebben laten maken om alles veilig en overzichtelijk in op te bergen. Met een hoop mottenballen tussen de kledij blijft alles droog en in goede staat.
Nieuwe school
Het was niet mogelijk om onze kinderen nog naar hun oude school te laten gaan. Het was veel te ver weg. Daarom werd er gekozen voor de lokale buurtschool voor de grootsten en een kleine privaat-school over de deur voor de allerkleinsten. Voor de beide scholen werden nieuwe uniformen aange-schaft. Gelukkig hebben we in ons nieuwe huis ook ruimte voor een eigen naaiatelier, zodat we het maken van de uniformen niet meer aan een kleermaker moesten uitgeven. Onze grootste meisjes hebben, onder leiding van Miss Anuja, de uniformen ineengestikt en het zag er werkelijk prachtig uit. Op die manier hebben we enkel de stof en het naaigerief moeten aankopen.
Ieder nieuw schooljaar kost ook extra centen. Er dient inschrijvingsgeld voor het nieuwe schooljaar be-taald te worden, kapotte boekentassen moeten vervangen worden en versleten of te klein geworden schoeisel moet opnieuw aangekocht worden.
Nepal is in staat van Beleg, er zijn politieke onrusten en dit maakt dat het toerisme op een zeer laag pitje staat. In het verleden kregen we regelmatig zakken met materiaal voor onze kinderen dat via Ne-palreizigers met een goed hart werd meegezeuld. Helaas, er komt sporadisch nog eens iemand langs met een tas met kledij, dit maakt dat we centen hebben moeten uitgeven aan sokken en ondergoed, ook weeral een bijkomende kost.
Het zijn op zich allemaal geen enorme bedragen, maar wanneer men dit alles samentelt loopt het toch weeral op.
Dankzij de fantastische financiële bijdrage van De Brug die we hebben mogen ontvangen hebben we dit alles kunnen realiseren. Daarom dank ik ieder van u met heel mijn hart voor deze warme bijdrage die het ons mogelijk maakt om onze armsten der armen een normaal leven te bezorgen.
Het is werkelijk hartverwarmend te zien hoe fier zij zijn om in hun mooie uniformen naar school te kunnen gaan en het is fantastisch om in dit grote huis te kunnen leven waar er plaats is voor iedereen, waar er geluk en vreugde heerst.
Heel veel hartelijke groeten namens al onze kinderen.

Correspondent: Lutgart Buyens

Kathmandu - 6 december 2001

Graag hadden wij ons project weer aan de Brug voorgesteld en wel om de volgende reden: wij gaan half januari verhuizen met Shangrila Home naar Tinchuli. Dit is een buitenwijk van Kathmandu waar het nog groen en gezond is voor de kinderen. De pollutie in de stad wordt steeds erger.
Omdat wij ook met 2 trainingsklassen zouden beginnen is het huidige huis te klein. Momenteel vangen we 48 kinderen op en het huis barst echt uit zijn voegen. Omdat overal in de wereld computers de toekomst zijn, beginnen we in januari met een computerklas. En tegelijkertijd ook met een naaiklas waar iedereen kan leren zijn eigen kleding te maken of verstellingen te doen. Buiten de aanschaf van computers en naaimachines moeten er ook leerkrachten betaald worden.
In ons huidige huis is daar echt geen plaats voor. Onze gemeenschapsruimte is ook te klein gewor-den, we geraken er niet meer in met z’n allen. Er moet momenteel met een beurtrol gegeten worden, omdat de eetruimte te klein is om heel de bende tegelijkertijd te laten eten.
Een groter huis betekent natuurlijk ook een hogere huishuur en daarom een hogere maandelijkse kost.
Vriendelijke groeten vanuit Kathmandu

Correspondent: Lutgart Buyens

Kathmandu - 17 maart 2001

Om te beginnen: hartelijk bedankt voor de steun die we dit jaar kregen van ‘De Brug’. Jullie kunnen je waarschijnlijk al wel voorstellen dat het geld weer goed van pas kwam.
Shangrila Home begon stilaan uit zijn voegen te barsten door de 45 bengels die hier slapen, eten, spelen en studeren. Nou ja, dat was nou net het probleem: de groteren begonnen het moeilijk te vin-den om in rust te studeren door de jongeren die constant rondliepen en daarbij natuurlijk het nodige lawaai maakten. Hierop werd een goede oplossing gevonden: op het huisje van de vrijwilligers werd een verdieping bijgebouwd door de huisbaas. Door de nodige steun vanuit België kon dit worden bij-gehuurd en ingericht als verblijfplaats voor de oudere jongens. Hierdoor konden ook de kleintjes wor-den verdeeld over twee kamers, want het was daar een drukte van jewelste met zijn twaalven in dat kleine kamertje. Er kwam zelfs nog een bed vrij waardoor er plaats kwam voor een 45ste kindje: een jongen van een jaar of 9 wiens oudere zusje ook in Shangrila Home verblijft.
De oudere jongens hebben zelf geholpen met het inrichten van de kamer en zijn natuurlijk fier op hun nieuwe woonst en vooral op de zelfstandigheid die werd bekomen doordat ze nu in een apart huis wonen (zij het onder toezicht van de vrijwilligers). Vooral Ram, de oudste die dit jaar zijn secundair onderwijs afsluit en hoopt rechten te gaan studeren aan de universiteit, geniet van zijn nieuwe kamer waar hij rustig zijn werk kan doen voor school en zich rustig kan voorbereiden op de ‘final exams’~ We duimen voor je, Ram!
In naam van Ram en natuurlijk van alle kinderen en medewerkers van Shangrila Home: BEDANKT!

Correspondent: Lutgart Buyens

Kathmandu - 24 september 2000

In april heb ik jullie ontmoet op een bijeenkomst van De Brug. We hebben toen gepraat over ons pro-ject en onze noden. Ik stuur hierbij een bijdrage van één van onze trouwe en onmisbare vrijwilligers.
Indien u meer van ons nodig hebt, laat mij dat dan gerust weten.
Vriendelijke groeten van Inge Bracke.

Brief van Greet Verbist (Wuustwezel)
Sinds bijna 2 jaar ben ik aan bet meehelpen in een project voor straatkinderen in Kathmandu, de hoofdstad van Nepal.
“Shangrila Home” werd vijfjaar geleden opgericht door Inge Bracke die haar hart had verloren in dit kleine landje in de Himalaya.
Honderden kinderen leven op straat in Kathmandu zonder onderwijs, goede voeding of de zorg van ouders. Velen worden gedwongen om te gaan bedelen en worden beschouwd als kostwinnaars voor het gezin.
Inge leerde tijdens haar verblijf in Nepal enkele kinderen persoonlijk kennen en besloot hen te helpen. Er werd een “thuis” opgericht voor elf jongens, “Shangrila Home” was geboren. Vandaag, 5 jaar later, verblijven er 43 kinderen in het huis en er wordt gezorgd voor onderwijs, voeding~ kleding en alle za-ken waarop een kind recht heeft. De oudste, Ram, is ongeveer 17 jaar en werd koudweg met zijn jon-gere broertje achtergelaten door zijn moeder. Hij is tevens een van de eerste elf jongens die het huis bewoonden. Ram is een uitstekend student en droomt ervan om ingenieur re worden. Hopelijk vinden we de nodige fondsen om hem en de anderen in de toekomst verder te laten studeren.
Niet enkel hiervoor is alle financiële steun welkom, maar ook voor meer primaire behoeftes. De schooluniformen die worden doorgegeven van groot naar klein, en uiteraard dagelijks worden ge-bruikt, zijn dringend aan vervanging toe. De winter is ook weer in aantocht en warme dekens zijn no-dig als bescherming tegen de koude.
Het dient onnodig te worden gezegd dat alle hulp welkom is voor “onze” bengels en daarvoor alvast onze oprechte dank.

Correspondent: Lutgart Buyens